Agressie Ik begin een late dienst in een verpleeghuis waar ik wel vaker kom, dus ik ken de mensen die er wonen. Het is een groep mensen die zich in de verschillende fases van dementie bevinden en zich hierdoor ook wel verkeerd of niet begrijpen. Soms hoeft er maar iets kleins te gebeuren waardoor de hele afdeling op z'n kop staat. Dit blijkt later ook het geval te zijn.

De dienst verloopt tot nu toe prima, dus rustig en gezellig. De huiskamerdienst start om 17u en is er tot vanavond 21u om voor het eten te zorgen. Op het menu staat friet en een snack, dus daar begint ze mee. De mensen genieten duidelijk van een lekkere vette hap en de vingers gaan rijkelijk door de mayonaise. Na het eten lakt mijn collega de nagels van de mensen die ze weer trots aan elkaar laten zien.

Om 21u wil ik een dame helpen met de inname van medicatie. Mw. heeft dementie in een vergevorderd stadium. Ze begrijpt ons niet, wij haar ook niet altijd. Mw. kan zich niet meer in woorden uitdrukken. Ik wil mw. haar glas met medicatie aanreiken en mw. geeft op haar manier aan dat ze het niet wilt. Mw. zit op dat moment in haar "wereld", dus ik zal haar waarschijnlijk storen en mw. laat dit ook merken door hard te roepen tegen mij. Ik loop rustig weg. Een andere dame die in een minder gevorderd stadium van dementie zit reageerde gelijk op mw. Mw. staat op en begint te vloeken en te schelden en mijn collega ziet haar erg boos worden. Ik sta inmiddels bij de medicijnkar en ik observeer de situatie op een afstand. De medicijnkar sluit ik, omdat ik het vermoeden heb dat dit wel eens uit de hand kan gaan lopen. Ik hoor mijn collega vragen of mw. zich rustig wil houden en zeggen dat er niets aan de hand is, maar krijgt mw. niet rustig. Collega doet nog een poging, maar ineens duwt mw. mijn collega keihard opzij. Ik zie het gebeuren en ik loop naar mw. toe en benader haar rustig door te zeggen dat er niks aan de hand is. En toen ging het mis, want ook ik moest “opdonderen”. Mw. ging op dat moment volledig door het lint en begon te schreeuwen, slaan, krabben, knijpen en deed pogingen om te bijten. Collega en ik moesten ons aardig verweren. We proberen mw. toch tot bedaren te brengen, maar mw. blijft om zich heen slaan en ik probeer om haar heen te komen zodat ik mw. van achter vast kan pakken en dan zo dat ze haar armen niet meer kan bewegen om iemand te slaan. Je moet op een gegeven moment iets hoe vervelend ook, want dat is het wel. Mw. gaat namelijk volledig door het lint en het gaat op zo'n moment óók om de veiligheid van de medebewoners.

Mijn collega helpt me om met mw. naar de gang te lopen. Mw loopt tussen ons in, maar ook dat gaat niet makkelijk. Mw. blijft schreeuwen en blijft tekeer gaan en laat zich door de benen zakken. Ik merk dit op en voorzichtig begeleid ik mw. naar de grond en we gaan naast haar zitten op gepaste afstand. Ze schreeuwt om haar moeder en we proberen voorzichtig om wat te praten wat averechts werkt. Na een aantal pogingen lukt het mijn collega binnen te dringen bij mw. Van mij moet ze niets hebben. We helpen mw. weer overeind en de rust lijkt langzaam toe te keren. Mijn collega loopt met mw. naar haar kamer. Ik laat ze en ik loop terug naar de huiskamer. Later komt mijn collega naar me toe. Ze hebben over de situatie gepraat en mw. is nu wat rustiger en ligt inmiddels in bed. Ik ben ook nog even naar mw. geweest en de andere bewoners om te vragen hoe het gaat. De medebewoners waren erg geschrokken, maar de rust was weer wedergekeerd.